Met m’n ogen dicht leun ik zwaar tegen het aanrecht.
Tranen stromen over m’n wangen. Ik krijg geen lucht meer. Mijn keel zit dicht. M’n lippen droog.
‘k Weet niet meer hoe ik moet blijven staan. Ben omvergeblazen.
Het klopt. Het is perfect. De melodie. Tekst. Inhoud. Het ritme.
De stem die aan het einde van een zin wat omhoog gaat. De zachtheid.
Ik moet het steeds opnieuw horen. Verdwijn erin. Los op. Er is alleen nog de muziek.
Recht in m’n hoofd. M’n hart springt uit m’n borst.
Het klopt. Alles klopt. Elke keer weer.
Het is moeilijk om uit te leggen. Dat het niet ‘gewoon’ mooi is. Dat het niet ‘gewoon’ een liedje is dat leuk klinkt. Maar dat dit als een smak tegen de muur is. Waardoor ik versuft ben. Van slag. En niet even. Nee. Elke keer weer.
Dat dit mijn dag op z’n kop zet. Dat het hard binnengekomen is. Ruw. Rauw.
Ik weet met mezelf geen blijf.
Zo gaat het vaak.
Iets haakt zich vast in mijn aandacht. Wringt zich naar binnen. Trekt me mee.
In het slechtste geval naar beneden. In het beste de hemel in.
‘k Moet filteren. De enige zwemvest die ik heb om niet overspoeld te worden.
Elke keer. Weer.
Dus zie ik veel bewust niet. Kijk op straat weinig mensen aan. Maak (woord-)grapjes om de sfeer te veranderen. Sluit me af met m’n koptelefoon. Word er soms boos van, of verdrietig. Omdat ik niet weet wat er aan de hand is.
Ik weet met mezelf geen blijf.
Gelukkig weet mama wat het is.
Zij heeft het ook. Elke keer weer.
(Wil je weten waarnaar ik luisterde? https://www.youtube.com/watch?v=FnLmw3CS5pw)

0 reacties